ECLI:NL:RBDHA:2024:6695
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod voor Dominicaanse vrouw
Eiseres, met de Dominicaanse nationaliteit, is op 12 maart 2024 uitgezet naar de Dominicaanse Republiek na een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Zij stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het gehoor onvolledig en onzorgvuldig was en dat zij geen mogelijkheid had gekregen om asiel aan te vragen.
De rechtbank oordeelt dat eiseres ondanks haar uitzetting procesbelang heeft bij het beroep, omdat het terugkeerbesluit mede ten grondslag kan worden gelegd aan toekomstige inreisverboden. Het gehoor is zorgvuldig gevoerd, waarbij eiseres duidelijk heeft gemaakt geen asiel te willen aanvragen en er geen aanleiding was voor nader onderzoek naar haar persoonlijke omstandigheden zoals prostitutie of vlucht voor haar ex-man.
De staatssecretaris heeft het terugkeerbesluit gemotiveerd met het risico dat eiseres zich aan toezicht zou onttrekken, wat door eiseres niet is betwist. Ook is het opleggen van het inreisverbod gerechtvaardigd omdat eiseres Nederland onmiddellijk moest verlaten en geen omstandigheden heeft aangevoerd die een verkorting rechtvaardigen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.