Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af;
- veroordeelt de staatssecretaris in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.750,-.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen de maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde dat het formulier M122 te laat was uitgereikt en dat de informatieplicht volgens artikel 5.3 van het Vreemdelingenbesluit 2000 was geschonden, waardoor de bewaring onrechtmatig zou zijn.
Hoewel de rechtbank constateerde dat het formulier M122 inderdaad te laat was uitgereikt en dat de schriftelijke informatie niet voldeed aan de eisen, vond zij dat deze gebreken niet tot onrechtmatigheid leidden. Tijdens het gehoor met tolk was eiser geïnformeerd over de gronden van de bewaring en zijn recht op consulaire bijstand. De belangenafweging viel uit in het voordeel van de staatssecretaris vanwege het concrete risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken.
De rechtbank oordeelde dat de zware gronden voor bewaring, waaronder het niet op voorgeschreven wijze Nederland binnenkomen en gebruik van vervalste documenten, voldoende waren gemotiveerd en niet betwist. Het beroep werd ongegrond verklaard, het verzoek om schadevergoeding afgewezen, maar de staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten van € 1.750,- vanwege het geconstateerde gebrek bij uitreiking M122.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.