ECLI:NL:RBDHA:2024:7313
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig besluit verlening machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De staatssecretaris heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is omdat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is overschreden zonder besluit.
De rechtbank legt op grond van de Algemene wet bestuursrecht een termijn van acht weken op waarbinnen de staatssecretaris alsnog een besluit moet nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd voor het geval de termijn wordt overschreden. Daarnaast wordt vastgesteld dat de staatssecretaris reeds €1.442 aan bestuurlijke dwangsommen heeft verbeurd.
De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van de verbeurde dwangsommen, de proceskosten van €437,50 en de vergoeding van het griffierecht van €184. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt op 15 mei 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken alsnog een besluit te nemen, onder oplegging van dwangsommen.