ECLI:NL:RBDHA:2024:7318
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep asielaanvraag
Verzoeker stelde beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 28 januari 2023. Verweerder heeft de aanvraag bij besluit van 5 april 2024 alsnog ingewilligd, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelt dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden was verlengd met negen maanden, waardoor het beroep prematuur was ingesteld en niet-ontvankelijk zou zijn verklaard als het niet was ingetrokken.
Op grond van artikel 8:75a Awb kan proceskostenvergoeding worden toegekend als het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen, maar dit geldt niet indien het beroep prematuur is ingesteld.
Daarom wordt het verzoek om proceskostenvergoeding als kennelijk ongegrond afgewezen. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt op 15 mei 2024.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het beroep prematuur was ingesteld door een verlengde beslistermijn.