ECLI:NL:RBDHA:2024:748
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Georgische nationaliteit wegens onvoldoende bewijs van beschermingbehoefte
Eiser, van Georgische nationaliteit, diende op 1 december 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees deze aanvraag op 13 december 2023 af als kennelijk ongegrond en legde tevens een terugkeerbesluit en inreisverbod op. Eiser voerde aan dat hij in Georgië werd bedreigd en vreest voor een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelt dat Georgië is aangewezen als veilig land van herkomst, met uitzondering van bepaalde gebieden en groepen waartoe eiser niet behoort. De rechtbank stelt vast dat eiser geloofwaardige verklaringen heeft afgelegd over zijn situatie, maar dat deze niet leiden tot het aannemen van een beschermingsbehoefte. De problemen van eiser zijn gerelateerd aan het gebruik van een woonruimte die hij inmiddels heeft verlaten.
De rechtbank benadrukt dat eiser legaal Georgië heeft verlaten, onderwijs heeft genoten en heeft deelgenomen aan de samenleving. Er is geen bewijs van omkoping of belemmering van een eerlijke rechtsgang. De stelling van eiser dat hij geen effectieve bescherming kan krijgen, is onvoldoende onderbouwd. Daarom blijft het besluit van de staatssecretaris in stand en wordt het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.