ECLI:NL:RBDHA:2024:7715
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na afwijzing verblijfsvergunning
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de aanvraag van verzoeker voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure af te wijzen als kennelijk ongegrond. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Op de dag van de uitspraak werd tevens uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.13365), waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.