ECLI:NL:RBDHA:2024:793
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek opheffing ondertoezichtstelling minderjarige wegens gestagneerde ontwikkeling en schoolgang
De rechtbank Den Haag behandelde op 23 januari 2024 het verzoek tot opheffing van de ondertoezichtstelling van een minderjarige die sinds juli 2021 onder toezicht staat vanwege ernstige bedreiging van haar ontwikkeling. De ondertoezichtstelling was verlengd tot 8 juli 2024. De gecertificeerde instelling stelde dat ondanks diverse hulpverleningsvormen, waaronder begeleiding door ASH, ASVZ en een jongerencoach, de problematiek en stagnatie in de schoolgang aanhouden. De minderjarige is sinds september 2023 gestart op een nieuwe school, maar keerde na een dag niet terug vanwege een incident en zorgen over veiligheid. De moeder erkent de zorgen over de schoolgang maar is volgens de kinderrechter niet zelfstandig in staat om de schoolgang te realiseren.
De kinderrechter constateert dat de minderjarige nog altijd ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd, vooral door het ontbreken van een nuttige dagbesteding en het feit dat zij al meer dan een jaar niet naar school gaat. De betrokkenheid van een jeugdbeschermer blijft noodzakelijk om toezicht te houden op de ontwikkeling en schoolgang en om passende hulpverlening te waarborgen. Hoewel de thuissituatie bij de moeder verbeterd is en de moeder positief heeft meegewerkt aan hulpverlening, is de draagkracht onvoldoende om de problemen zelfstandig op te lossen.
De kinderrechter wijst het verzoek tot opheffing van de ondertoezichtstelling af en benadrukt dat de ondertoezichtstelling blijft voortduren tot 8 juli 2024. Tevens wordt de gecertificeerde instelling opgedragen te onderzoeken of een IQ-test kan worden afgenomen om een passend schooltraject te vinden. De mogelijkheid tot verlenging van de ondertoezichtstelling wordt onderstreept, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming als onafhankelijke partij onderzoek kan doen.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de ondertoezichtstelling wordt afgewezen en de maatregel blijft van kracht tot 8 juli 2024.