ECLI:NL:RBDHA:2024:8024

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 mei 2024
Publicatiedatum
27 mei 2024
Zaaknummer
24.6043
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 42 Vreemdelingenwet 2000
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag niet-ontvankelijk wegens prematuur beroep

Eiser diende op 5 juli 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Op 9 november 2023 werd eiser toegelaten tot de nationale procedure. De wettelijke beslistermijn van zes maanden vangt aan op die datum en zou derhalve op 9 mei 2024 eindigen. Eiser stelde de staatssecretaris op 8 januari 2024 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en diende op 17 februari 2024 beroep in tegen het uitblijven van een besluit.

De rechtbank overweegt dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen pas kan worden ingediend nadat het bestuursorgaan in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken. Omdat de ingebrekestelling van 8 januari 2024 plaatsvond vóór het einde van de beslistermijn, is deze prematuur. De stelling van eiser dat de verlenging van de beslistermijn op grond van het WBV 2023/3 niet van toepassing zou zijn, wordt niet inhoudelijk behandeld omdat ook zonder verlenging het beroep te vroeg is ingediend.

De rechtbank concludeert dat het beroep niet voldoet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb en verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.6043

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

geboren op [geboortedatum],
van Syrische nationaliteit,
v-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. S. Kalu-Mollema),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris.

Procesverloop

Eiser heeft op 5 juli 2023 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Op 9 november 2023 is eiser toegelaten tot de nationale procedure.
Bij brief van 8 januari 2024 heeft eiser de staatssecretaris in gebreke gesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. Eiser heeft vervolgens op 17 februari 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
Bij brief van 9 november 2023 heeft de staatssecretaris eiser op de hoogte gesteld van de verlenging van de beslistermijn in verband met de inwerkingtreding van het WBV 2023/3.
De staatssecretaris heeft geen verweerschrift ingediend.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. In artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb is bepaald dat, voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep, het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit wordt gelijkgesteld.
3. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb, voor zover hier van belang, is bepaald dat een beroepschrift gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
4. Op grond van artikel 42, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) moet de staatssecretaris binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag beslissen.
5. Op grond van artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vw kan de termijn, als bedoeld in het eerste lid, met ten hoogste negen maanden worden verlengd, indien een groot aantal vreemdelingen tegelijk een aanvraag indient waardoor het in de praktijk zeer moeilijk is de procedure binnen de termijn van zes maanden af te ronden.
6. Op grond van artikel 42, zesde lid, van de Vw vangt de termijn bedoeld in het eerste lid, indien in het kader van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 wordt Pro onderzocht of de aanvraag op grond van artikel 30 niet Pro in behandeling dient te worden genomen, aan op het tijdstip waarop overeenkomstig de Dublinverordening wordt vastgesteld dat Nederland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.
7. Eiser heeft de aanvraag ingediend op 5 juli 2023. Op 9 november 2023 is eiser toegelaten tot de nationale procedure. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou in het geval van eiser op 9 mei 2024 eindigen. Dat betekent dat de ingebrekestelling van
8 januari 2024 prematuur is ingediend. Dat eiser in zijn gronden van beroep van 17 februari 2024 stelt dat het WBV 2023/3 op zijn aanvraag niet van toepassing zou zijn, is hier niet aan de orde. Ook zonder de verlenging van de beslistermijn met negen maanden op basis van het WBV 2023/3, is de ingebrekestelling van 8 januari 2024 prematuur ingediend. Het beroep voldoet daarom niet aan de vereisten voor het indienen van een beroep tegen het niet tijdig beslissen, als bedoeld in artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.
8. Het beroep is, gelet op het voorgaande, kennelijk niet-ontvankelijk.
9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van mr. B.A. Smit, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.