ECLI:NL:RBDHA:2024:8044
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen beëindiging tijdelijke bescherming wegens vrijwillig vertrek
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn tijdelijke bescherming, zoals bedoeld in Richtlijn 2001/55/EG, werd beëindigd. De rechtbank heeft het beroep buiten zitting behandeld op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank overweegt dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat vaststaat dat eiser vrijwillig Nederland heeft verlaten. Dit impliceert dat eiser niet langer bescherming wenst in Nederland, waardoor het beroep geen kans van slagen heeft. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en wijst erop dat partijen binnen zes weken verzet kunnen aantekenen tegen deze uitspraak. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier A.S. Hamans en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beëindiging van tijdelijke bescherming wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vrijwillig vertrek.