ECLI:NL:RBDHA:2024:8058
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens ontbreken beroepsprocedure
Verzoeker heeft een aanvraag gedaan voor toepassing van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 23 februari 2023 is afgewezen. Hiertegen heeft verzoeker bezwaar gemaakt, waarop op 25 januari 2024 een beslissing is genomen. Verzoeker heeft vervolgens geen beroep ingesteld tegen deze beslissing.
Het verzoek om voorlopige voorziening richt zich zowel op het primaire besluit als op het bestreden besluit. De voorzieningenrechter overweegt dat een verzoek om voorlopige voorziening alleen ontvankelijk is indien er een lopende beroepsprocedure tegen het bestreden besluit is. Omdat dit niet het geval is, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op Rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een lopende beroepsprocedure.