ECLI:NL:RBDHA:2024:8103
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen beëindiging tijdelijke bescherming wegens vrijwillig vertrek
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin is bepaald dat haar tijdelijke bescherming eindigt conform Richtlijn 2001/55/EG. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiseres vrijwillig Nederland heeft verlaten, hetgeen impliceert dat zij geen belang meer heeft bij het voortzetten van het beroep.
De gemachtigde van eiseres gaf aan dat het beroep niet zonder toestemming van eiseres kan worden ingetrokken, maar dit leidt niet tot het oordeel dat zij ondanks haar vertrek nog een belang heeft bij het beroep. De rechtbank heeft daarom het beroep als kennelijk niet-ontvankelijk beoordeeld en dit zonder zitting uitgesproken op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt en partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beëindiging van tijdelijke bescherming wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vrijwillig vertrek uit Nederland.