Verzoekster, JBM Koeriers B.V., had beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV waarin aan een ex-werkneemster geen Ziektewet-uitkering werd toegekend wegens vermeende arbeidsongeschiktheid niet gerelateerd aan zwangerschap.
Na wijziging van het besluit op bezwaar door het UWV, waarbij alsnog werd vastgesteld dat de ex-werkneemster recht had op de uitkering, trok verzoekster het beroep in en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat het UWV aan het beroep tegemoet was gekomen en wees het verzoek om proceskostenvergoeding toe. De vergoeding omvatte de kosten voor rechtsbijstand en een deel van de kosten van een deskundige, waarbij een maximumtarief werd toegepast. De totale toegekende proceskosten bedroegen € 1.206,06.
Daarnaast wees de rechtbank erop dat het griffierecht rechtstreeks bij het UWV kan worden verhaald op grond van de Awb.