ECLI:NL:RBDHA:2024:826
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Dublin-overdracht wegens gewijzigde psychische situatie asielzoeker
Eiser diende een asielaanvraag in die door de staatssecretaris niet in behandeling werd genomen omdat Duitsland verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling (Dublinprocedure).
Tijdens het beroep werden nieuwe medische stukken overgelegd waaruit bleek dat eiser ernstig psychisch leed en een suïcidepoging had gedaan. Ook speelde zijn in Nederland woonachtige broer een cruciale rol in zijn mentale ondersteuning. Deze gewijzigde omstandigheden zijn relevant voor de beoordeling van het overdrachtsbesluit.
De staatssecretaris vroeg om aanhouding van de procedure voor een BMA-onderzoek, maar de rechtbank wees dit verzoek af omdat het voorgestelde onderzoek onvoldoende recht doet aan de verslechterde situatie en afhankelijkheid van eiser van zijn broer.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en oordeelde dat de staatssecretaris opnieuw moet beslissen, waarbij rekening moet worden gehouden met de nieuwe feiten en het beroep op artikel 16 van Pro de Dublinverordening.
De staatssecretaris werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en de staatssecretaris moet opnieuw beslissen rekening houdend met de gewijzigde omstandigheden.