ECLI:NL:RBDHA:2024:8486
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser betoogde dat hij niet was opgeroepen voor het aanmeldgehoor in september 2023 en dat hij geen uitnodigingsbrieven had ontvangen, waardoor het bestreden besluit vernietigd zou moeten worden. De rechtbank stelde vast dat eiser tweemaal niet is verschenen bij het aanmeldgehoor in Budel en dat hij niet aannemelijk had gemaakt dat hij daarvan niet op de hoogte kon zijn. De oproeplijsten van het COA en de uitnodigingen via medewerkers in Ter Apel waren voldoende om te concluderen dat eiser op de hoogte was.
Daarnaast voerde eiser aan dat overdracht aan Portugal zou leiden tot indirect refoulement vanwege slechte opvangvoorzieningen en eerdere uitzettingen door Portugal. De rechtbank overwoog dat Portugal gebonden is aan internationale verdragen en het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij eiser niet had aangetoond dat er sprake is van een bijzondere hoge drempel van zwaarwegendheid die schending van zijn rechten zou rechtvaardigen.
De rechtbank verwierp ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening, omdat de staatssecretaris zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat de aangevoerde omstandigheden geen aanleiding gaven om het verzoek alsnog in behandeling te nemen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.