Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
De woning behoorde toe aan een ander dan de verdachte. De verdachte stond niet ingeschreven op genoemd adres maar verbleef daar ook volgens eigen zeggen met enige regelmaat. Er waren meerdere sleutels van de woning in omloop. Er kwamen mensen in de woning, ook als de verdachte er zelf niet was.
De verdachte heeft verklaard dat hij van de aanwezigheid van de bovengenoemde verdovende middelen geen wetenschap heeft gehad. Hij heeft verklaard dat de meubels in de woning van de eigenaar waren, hetgeen de eigenaar van de woning heeft bevestigd, dat hij zelf geen kasten in de woning gebruikte en dat hij ook zelden in de schuur kwam.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
45 DAGEN;
30 dagen, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
240 (tweehonderdveertig) UREN;
120 (honderdtwintig) DAGEN;