ECLI:NL:RBDHA:2024:8947
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Kroatië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. De rechtbank heeft het beroep op 16 april 2024 behandeld.
Eiser stelde dat hij in Kroatië geen opvang en medische zorg zou krijgen, mede vanwege zijn kwetsbare situatie als LHBTI-er met suikerziekte en psychische problemen. Hij verwees naar rapporten en jurisprudentie die tekortkomingen in de opvang en zorg in Kroatië aantonen.
De rechtbank overwoog dat de staatssecretaris mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van structurele tekortkomingen die een reëel risico op een schending van fundamentele rechten opleveren. Ook is niet gebleken dat eiser bijzonder kwetsbaar is in de zin van relevante jurisprudentie. De medische zorg in Kroatië is volgens de rechtbank voldoende gewaarborgd en eiser kan klachten indienen bij de Kroatische autoriteiten.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en het besluit van de staatssecretaris in stand blijft. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.