Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling, verbleef bijna een jaar in bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank toetste de rechtmatigheid van het voortduren van de bewaring vanaf het moment van het sluiten van het eerdere onderzoek.
De rechtbank nam kennis van de voortgangsrapportage waaruit bleek dat op 5 februari 2024 een vlucht was aangevraagd en de Marokkaanse autoriteiten op 7 februari 2024 op de hoogte waren gesteld. Een vlucht stond gepland op 27 februari 2024, wat volgens de rechtbank voldoende zicht op uitzetting bood.
De belangenafweging leidde tot het oordeel dat geen feiten of omstandigheden aanwezig waren die het opheffen van de bewaring rechtvaardigden. De rechtbank vond dat verweerder het risico niet hoefde te aanvaarden dat eiser zich niet meer zou melden bij naderende uitzetting. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.