ECLI:NL:RBDHA:2024:9307
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid asielaanvraag statushouder met verblijfsstatus in Frankrijk
Eiser, een Syrische statushouder die internationale bescherming kreeg in Frankrijk, diende een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk omdat eiser al een verblijfsstatus in Frankrijk heeft en onvoldoende aannemelijk maakte dat hij bij terugkeer een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro.
Eiser stelde dat hij in Frankrijk onder druk werd gezet om werk en huisvesting te zoeken, terwijl hij wilde studeren, en verwees naar het AIDA-rapport over problemen voor statushouders in Frankrijk. De staatssecretaris en rechtbank oordeelden dat algemene informatie uit het rapport onvoldoende is om een persoonlijk risico aan te tonen en dat eiser onvoldoende heeft aangetoond dat hij zijn rechten in Frankrijk heeft uitgeput.
De rechtbank stelde vast dat de staatssecretaris wel degelijk op de zienswijze van eiser is ingegaan en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel blijft gelden. Het beroep van eiser op de samenwerkingsplicht faalde omdat hij niet aannemelijk maakte dat nader onderzoek nodig was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenvergoedingen af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de asielaanvraag niet-ontvankelijk en wijst het beroep van eiser af.