ECLI:NL:RBDHA:2024:9325
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroege ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen gevraagd of een zitting gewenst was, maar omdat geen van beiden hierom verzocht, werd de zaak schriftelijk behandeld.
De kern van het geschil betreft de vraag of de ingebrekestelling door eiser rechtsgeldig was. Sinds 1 januari 2023 geldt het besluit WBV 2023/3, dat de beslistermijn voor asielaanvragen met negen maanden verlengt. Eiser betwist dat deze verlenging op zijn aanvraag van toepassing is en stelt dat de ingebrekestelling daarom niet prematuur was.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig is toegepast. Omdat eiser zijn aanvraag op 15 juni 2023 indiende, geldt voor hem een beslistermijn tot 15 september 2024. De ingebrekestelling van 6 februari 2024 was dus te vroeg. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de voorwaarden van ontvankelijkheid en wordt het niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.