ECLI:NL:RBDHA:2024:9367
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening visum kort verblijf voor bijwoning geboorte ceremonie
Verzoekers dienden een aanvraag in voor een visum kort verblijf om de geboorte en bijbehorende ceremonies van het tweede kind van hun neef in Nederland bij te wonen. De staatssecretaris wees de aanvragen af wegens onvoldoende bewijs van het doel van het verblijf, twijfels over de echtheid van documenten en onzekerheid over het vertrek uit Nederland.
Verzoekers stelden dat het bijwonen van de ceremonies cultureel en emotioneel van groot belang is en dat zij sterke sociale en economische banden met Nepal hebben. Zij vroegen om een voorlopige voorziening zodat zij ondanks de afwijzing toch konden reizen. Verweerder betoogde dat de aanvragen laat waren ingediend en dat de primaire besluiten voldoende waren gemotiveerd.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het belang van verzoekers onvoldoende zwaarwegend is om een onomkeerbare voorlopige voorziening toe te kennen. Ook is er geen evident onrechtmatigheid van het besluit. De verzoeken worden daarom afgewezen. Het subsidiaire verzoek om aanvullende motivering wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van zwaarwegend spoedeisend belang en geen evident onrechtmatigheid.