ECLI:NL:RBDHA:2024:9379
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling oplegging ROV-3 maatregel wegens niet-naleving meldplicht door asielzoeker
In deze bestuursrechtelijke zaak beoordeelt de rechtbank Den Haag het beroep van eiser tegen het besluit van het COA om een ROV-3 maatregel op te leggen, waarbij gedurende vier weken het leefgeld van €14,47 per week wordt ingehouden.
Eiser had op 15 februari 2024 niet aan de meldplicht voldaan en stelde dit te wijten aan een miscommunicatie over een tandartsafspraak. Het COA wees erop dat eiser dit al voor de vierde keer deed en dat de maatregel conform het beleid en na waarschuwingen terecht was opgelegd. De rechtbank stelt vast dat het COA het maatregelenbeleid correct heeft toegepast en dat eiser voldoende op de hoogte was van de meldplicht en de mogelijkheid tot ontheffing.
De rechtbank volgt eiser niet in zijn betoog dat hem geen verwijt treft. Eiser heeft geen tijdig bewijs overlegd van de medische afspraak en heeft geen onderbouwing gegeven voor de miscommunicatie. Ook is de opgelegde maatregel niet disproportioneel. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de ROV-3 maatregel wegens niet-naleving van de meldplicht wordt ongegrond verklaard.