ECLI:NL:RBDHA:2024:9512
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging verblijfsvergunning zelfstandige wegens ontbreken mvv
Eiser, een Turkse nationaliteit dragende persoon geboren in 1980, heeft bij besluit van 10 januari 2023 een aanvraag ingediend voor verlenging van zijn verblijfsvergunning voor het verrichten van arbeid als zelfstandige. Deze aanvraag werd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen omdat eiser niet beschikte over een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en er geen vrijstelling werd verleend.
Eiser maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd bij besluit van 13 april 2023 ongegrond verklaard. Vervolgens stelde eiser beroep in bij de rechtbank Den Haag tegen het bestreden besluit. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld omdat het kennelijk ongegrond was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder gemotiveerd heeft aangegeven waarom het bezwaar ongegrond is verklaard en dat eiser zijn gronden niet nader heeft onderbouwd in het beroep. De enkele verwijzing naar eerdere bezwaarschriften was onvoldoende om het besluit aan te tasten. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verlenging van de verblijfsvergunning is ongegrond verklaard.