ECLI:NL:RBDHA:2024:9520
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij mvv-aanvraag nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De rechtbank heeft het beroep beoordeeld zonder zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De beslistermijn voor de mvv-aanvraag was 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, waardoor verweerder uiterlijk op 31 januari 2024 een beslissing moest nemen. Eiser heeft verweerder op 18 januari 2024 in gebreke gesteld, maar op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken. Hierdoor was de ingebrekestelling prematuur en voldeed het beroepschrift niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert en openbaar gemaakt op 13 juni 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingediende ingebrekestelling.