Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Lichter middel
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, kreeg op 31 mei 2024 een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was gebaseerd op het concrete aanknopingspunt voor overdracht aan Duitsland volgens de Dublinverordening en het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken.
Eiser betwistte de zware en lichte gronden niet, maar stelde dat een lichter middel passend was omdat hij zelfstandig naar Duitsland wilde terugkeren, waar hij werkte en een vriendin had. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende had gemotiveerd waarom een lichter middel niet volstond, mede omdat eiser geen geldig reisdocument had, onvoldoende middelen en zijn asielaanvraag in Duitsland was afgewezen.
De rechtbank voerde ook een ambtshalve toetsing uit en concludeerde dat de maatregel tot het moment van sluiting van het onderzoek niet onrechtmatig was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.