ECLI:NL:RBDHA:2024:9879
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid beschuldigingen hekserij en mensenhandel
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw, vroeg asiel aan in Nederland vanwege beschuldigingen van hekserij, gedwongen prostitutie door een mensenhandelaar en het risico dat haar minderjarige dochter besneden zou worden. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van de verklaringen over hekserij en mensenhandel, en het ontbreken van een reëel risico op vrouwenbesnijdenis.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat de identiteit en nationaliteit van eiseres geloofwaardig zijn, maar dat haar relaas over hekserij en mensenhandel onvoldoende aannemelijk is. De rechtbank vond tegenstrijdigheden, vaagheden en onvoldoende onderbouwing in haar verklaringen, zoals inconsistenties over de naam van het meisje dat haar beschuldigde, de vlucht uit Nigeria, en het netwerk van de mensenhandelaar.
Hoewel sommige tegenwerpingen van verweerder onvoldoende waren gemotiveerd, waren de overige bezwaren zwaarwegend genoeg om de geloofwaardigheid te verwerpen. Ook het risico op vrouwenbesnijdenis voor de dochter werd onvoldoende aannemelijk gemaakt, mede omdat de ouders tegen besnijdenis zijn en vrouwenbesnijdenis strafbaar is in Nigeria.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de asielaanvraag definitief af. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem op 20 juni 2024.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op de afwijzing van de asielaanvraag af wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende risico op vrouwenbesnijdenis.