De rechtbank Den Haag heeft de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 78 dagen wegens het opzettelijk aanwezig hebben van ongeveer 1650 gram hennep, verspreid over twee incidenten in maart en november 2023. De rechtbank achtte het bewezen dat de verdachte deze softdrugs in bezit had, maar sprak hem vrij van de overige ten laste gelegde feiten, waaronder handel in harddrugs en wapenbezit, omdat deze niet wettig en overtuigend konden worden bewezen.
Het bewijs tegen de verdachte voor handel in harddrugs was gebaseerd op communicatie via het versleutelde SkyECC-netwerk en een telefoonnummer, maar de rechtbank vond onvoldoende aanwijzingen om met zekerheid vast te stellen dat de verdachte de gebruiker was van deze communicatiemiddelen. Ook de stemherkenning door de verbalisant werd onvoldoende onderbouwd geacht. Daarnaast werden de verklaringen van de verdachte over het uitlenen van zijn auto, waarin henneptoppen werden gevonden, door de rechtbank als ongeloofwaardig verworpen.
De rechtbank hield rekening met het strafblad van de verdachte, waarin eerdere veroordelingen voor overtreding van de Opiumwet en productie van verdovende middelen in België waren opgenomen, wat als recidive werd meegewogen. Gezien de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte achtte de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend, maar omdat de verdachte deze tijd reeds in voorarrest had doorgebracht, hoeft hij feitelijk geen straf meer uit te zitten.
Tot slot werd het beslag op een geldbedrag van 3100 euro opgeheven en teruggegeven aan de verdachte. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 14 juni 2024.