ECLI:NL:RBDHA:2024:9990
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging oplegging Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer ondanks sepot strafzaak
Eiser werd op 5 oktober 2023 door de politie aangetroffen met een ademalcoholgehalte van 625 μg/l, wat boven de wettelijke grens ligt voor het opleggen van een Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA). Het CBR legde op 11 oktober 2023 deze maatregel op en verklaarde het bezwaar van eiser op 27 november 2023 ongegrond. Eiser voerde aan dat hij niet als bestuurder kon worden aangemerkt omdat hij niet van plan was te rijden, maar in zijn auto wilde slapen vanwege zijn alcoholgebruik.
De rechtbank oordeelt dat het CBR terecht uitging van het proces-verbaal en de omstandigheden waaronder eiser werd aangetroffen, zoals draaiende motor, gordel om en sterke alcoholwalm, en dat dit voldoende bewijs vormt dat eiser als bestuurder kan worden aangemerkt. Het sepot van de strafzaak door de officier van justitie wegens gebrek aan bewijs is volgens de rechtbank niet beslissend voor de bestuurlijke maatregel, omdat de bestuursrechtelijke beoordeling een lagere bewijseis kent.
De rechtbank verwijst naar jurisprudentie van de hoogste bestuursrechter dat het CBR een EMA mag opleggen als met voldoende mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat iemand onder invloed als bestuurder heeft gehandeld. Het sepot ondermijnt het proces-verbaal niet en werpt geen ander licht op de feiten. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en moet eiser de EMA-cursus volgen en betalen zonder terugbetaling van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de oplegging van de EMA is ongegrond verklaard en de maatregel blijft van kracht.