Partijen zijn gescheiden ouders van een minderjarige met hoofdverblijfplaats bij de vader. De vader verzoekt vervangende toestemming om met het kind naar Portugal te verhuizen vanwege zakelijke noodzaak voor zijn onderneming. De moeder verzet zich tegen de verhuizing en betwist de noodzaak.
De rechtbank weegt het belang van het kind, dat een stabiele en voorspelbare opvoedingssituatie behoeft, tegen het zakelijke belang van de vader. Het kind heeft al veel wisselingen meegemaakt en is aangemeld bij zorginstellingen vanwege spanningen. De communicatie tussen ouders is problematisch, wat het risico op loyaliteitsconflicten vergroot.
De rechtbank oordeelt dat de vader onvoldoende heeft aangetoond dat verhuizing noodzakelijk is en dat alternatieven niet zijn onderzocht. De impact van verhuizing op het kind en het contact met de moeder is groot. Daarom wegen de belangen van het kind en de moeder zwaarder dan het zakelijke belang van de vader. Het verzoek wordt afgewezen en partijen dragen eigen proceskosten.