ECLI:NL:RBDHA:2025:10437
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens verantwoordelijkheid Duitsland
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 11 juni 2025 behandeld. Verzoeker was niet aanwezig, maar de minister werd vertegenwoordigd door een gemachtigde. Op dezelfde dag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep in de gerelateerde zaak.
Omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan, is een voorlopige voorziening niet meer nodig. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op het beroep.