Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Letse staatsburger geboren in 1995, maakt bezwaar tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die op 6 april 2025 door de minister van Asiel en Migratie is opgelegd. De rechtbank heeft eerder vastgesteld dat de maatregel tot het moment van het sluiten van het onderzoek rechtmatig was.
Eiser stelt dat verweerder onvoldoende voortvarend handelt omdat sinds het laatste vertrekgesprek op 25 maart 2025 geen verdere uitzettingshandelingen zijn verricht. De rechtbank verwijst naar vaste jurisprudentie dat zicht op uitzetting geen vereiste is voor bewaring op grond van artikel 59b, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel is niet gericht op terugkeer, waardoor voortvarend handelen ter voorbereiding van uitzetting niet verplicht is.
De ambtshalve toetsing van de rechtbank leidt tot het oordeel dat het voortduren van de maatregel tot het sluiten van het onderzoek niet onrechtmatig is. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt niet toegewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard.