ECLI:NL:RBDHA:2025:10909
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen beperkte exploitatievergunning horeca wegens overtredingen vergunningvoorschriften
Verzoekster, exploitant van een horecabedrijf en zalencentrum, heeft bezwaar gemaakt tegen de beperkte duur van haar exploitatievergunning die voor één jaar is verleend vanwege eerdere incidenten en overtredingen van vergunningvoorschriften. Verweerder, de burgemeester van Rijswijk, heeft het bezwaar deels gegrond verklaard door enkele voorwaarden te laten vervallen, maar de beperkte duur en overige voorwaarden gehandhaafd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder bevoegd was de vergunning voor beperkte duur te verlenen en dat de beperkte duur van één jaar in redelijkheid is vastgesteld vanwege een patroon van niet tijdig of volledig melden van evenementen en overtredingen van voorschriften, wat een gevaar voor de openbare orde oplevert. Verzoekster heeft onvoldoende spoedeisend belang onderbouwd en de kans dat het beroep slaagt wordt als gering beoordeeld.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigt dat verzoekster niet behandeld zal worden alsof zij een vergunning voor een langere duur heeft. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de beperkte exploitatievergunning wordt afgewezen.