ECLI:NL:RBDHA:2025:10966
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak wegens Dublin-verantwoordelijkheid België
Verzoeker, een Somalische nationaliteit, had een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister van Asiel en Migratie besloot op 27 maart 2025 de aanvraag niet in behandeling te nemen omdat België verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag op grond van het Dublin-verdrag.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 19 juni 2025, waarbij beide partijen vertegenwoordigd waren.
De voorzieningenrechter overwoog dat de rechtbank bij een gelijktijdige zaak (zaaknummer NL25.15342) reeds uitspraak had gedaan op het beroep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. Om die reden werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is openbaar en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat België verantwoordelijk is voor de asielaanvraag en de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan.