ECLI:NL:RBDHA:2025:11118

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
25 juni 2025
Publicatiedatum
25 juni 2025
Zaaknummer
NL25.10832
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • J.M. Emaus-Visschers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Dublin-verordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in Dublin-zaak over asielaanvraag

De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling te nemen, omdat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublin-verordening.

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 14 mei 2025 behandeld, waarbij verzoeker en de gemachtigden van beide partijen aanwezig waren.

Op de datum van de uitspraak heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep in de gerelateerde zaak, waardoor de voorlopige voorziening niet langer nodig was. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter J.M. Emaus-Visschers en griffier S.M. Hampsink, en is in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op het beroep.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Arnhem
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.10832

uitspraak van de voorzieningenrechter van 25 juni 2025 in de zaak tussen

[verzoeker], v-nummer: [nummer], verzoeker

(gemachtigde: mr. E.A. Welling),
en

de minister van Asiel en Migratie

(gemachtigde: mr. R.M. Koning).

Procesverloop

1. Bij besluit van 6 maart 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
1.1.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
1.2.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL25.10831, op
14 mei 2025 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

1.3.
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.10831, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Emaus-Visschers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.M. Hampsink, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.