ECLI:NL:RBDHA:2025:11367

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 juni 2025
Publicatiedatum
27 juni 2025
Zaaknummer
NL22.6669
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75 AwbArt. 8:75a AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling minister na niet tijdig beslissen machtiging voorlopig verblijf

Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf. Nadat het beroep was ingediend, heeft de minister alsnog een besluit genomen. Verzoekers trokken daarop het beroep in en verzochten om vergoeding van de proceskosten.

De rechtbank oordeelt dat de minister door het alsnog nemen van het besluit aan verzoekers is tegemoetgekomen en daarom gehouden is de proceskosten te vergoeden. De proceskosten worden vastgesteld op een bedrag van € 453,50.

De uitspraak is gedaan zonder zitting en de minister wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan verzoekers. Verzoekers kunnen binnen zes weken na verzending van de uitspraak een verzetschrift indienen indien zij het niet eens zijn met de uitspraak.

Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoekers ter hoogte van € 453,50.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.6669

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 juni 2025 in de zaak tussen

[naam],

V-nummer: [nummer],

[naam],

V-nummer: [nummer],

[naam],

V-nummer: [nummer],

[naam],

V-nummer: [nummer],

[naam],

V-nummer: [nummer],

[naam],

V-nummer: [nummer],
gezamenlijk: verzoekers,
(gemachtigde: mr. R. Roelofsen),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoekers om de minister te veroordelen in de vergoeding van de proceskosten.
1.1.
De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. [1]

Beoordeling door de rechtbank

2. Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf. Vervolgens heeft de minister alsnog een besluit genomen. Verzoekers hebben daarop het beroep ingetrokken en daarbij gevraagd om de minister te veroordelen in de vergoeding van de proceskosten. [2]
3. De rechtbank stelt vast dat de minister na het indienen van het beroep tegen het niet tijdig beslissen alsnog een besluit heeft genomen. Daarmee is de minister aan verzoekers tegemoetgekomen. De minister dient daarom de proceskosten van verzoekers te betalen.

Conclusie en gevolgen

4. Het verzoek wordt toegewezen. De minister moet de door verzoekers gemaakte proceskosten vergoeden. Deze kosten stelt de rechtbank vast op € 453,50. [3]

Beslissing

De rechtbank veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van
€ 453,50.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
mr. B.A. Smit, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Artikel 8:75 en Pro 8:75a van de Awb, nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).
3.Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door de gemachtigde verleende rechtsbijstand, waarbij 1 punt is gerekend voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor van 0,5.