ECLI:NL:RBDHA:2025:1143
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht asielzoekster aan België toegewezen
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen omdat België verantwoordelijk zou zijn. De voorzieningenrechter overweegt dat de complexe rechtsvraag over het interstatelijk vertrouwensbeginsel met betrekking tot België in een andere zaak door een meervoudige kamer zal worden behandeld.
De voorzieningenrechter beperkt zich daarom tot een belangenafweging voor de voorlopige voorziening. Het verzoek houdt in dat verzoekster de behandeling van het beroep in Nederland mag afwachten, wat de huidige situatie in stand laat. Het niet treffen van een voorziening zou leiden tot overdracht aan België, wat onomkeerbare gevolgen kan hebben.
Gezien het belang van verzoekster wordt het verzoek toegewezen. Daarnaast wordt de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 907,-. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt toegewezen en de overdracht aan België wordt verboden totdat op het beroep is beslist.