ECLI:NL:RBDHA:2025:11470
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel van bewaring en zicht op uitzetting
De minister heeft op 17 april 2025 aan eiser een maatregel van bewaring opgelegd. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank had deze maatregel al eerder getoetst en achtte deze toen rechtmatig tot 2 mei 2025.
De rechtbank beoordeelde nu of de maatregel sinds die datum nog rechtmatig is. Eiser stelde dat er geen zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn omdat de betrokken autoriteiten niet reageerden op lp-aanvragen en de minister onvoldoende voortvarend zou handelen. De rechtbank oordeelde dat er wel zicht is op uitzetting, mede gelet op eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak en de overgelegde cijfers over afgegeven laissez-passers en uitzettingen.
Verder vond de rechtbank dat de minister voldoende voortvarend handelt, met recente rappels en een vertrekgesprek. De rechtbank zag geen grond om de maatregel onrechtmatig te achten en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.