Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
mr. I. Raterman en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsman mr. J.J. Lieftink naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
PL1500-2024333045, van de politie Eenheid Den Haag, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 86) en het aanvullend procesdossier met het nummer PL1500-2024333045, van de politie Eenheid Den Haag, met bijlagen (doorgenummerd p. 62-96).
de rechtbank begrijpt telkens: [slachtoffer] of [slachtoffer] )weer vermist was geweest en dat ze weer terug was. Ten tijde van het telefoongesprek rent [slachtoffer] samen met een andere bewoonster weg. Vanaf dat moment is [slachtoffer] vermist.
A: Ik ben verantwoordelijk voor de beslissingen die over [slachtoffer] genomen moet worden. Het gezag ligt ook bij WSS (
de rechtbank begrijpt telkens: William Schrikker stichting). De voogdij is sinds 2014 bij de WSS. Zij verblijft momenteel bij een tijdelijke plek. Voorheen bij Ipse de Brugge in Den Haag.
Vanuit het opsporingsonderzoek naar de vermiste [slachtoffer] , geboren [geboortedatum 2] 2011, hadden wij zeer sterkte aanwijzingen dat [slachtoffer] zich mogelijk zou bevinden bij [de verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 1992, wonende op de [adres] [plaats 2] .
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De oplegging van straf en maatregel
- geen strafbare feiten plegen;
- meldplicht bij de reclassering;
- ambulante behandeling;
- contactverbod met slachtoffer;
- vermijden contact met minderjarigen;
- drugsverbod;
- alcoholverbod;
- meewerken aan raadpleging referenten;
- realiseren en behouden dagbesteding;
- inzicht geven in financiën en desgewenst meewerken financieel begeleidingstraject;
- opbouw sociaal netwerk;
- niet naar het buitenland.
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
30 (DERTIG) MAANDEN;
de terbeschikkingstellingvan de verdachte;
dadelijk uitvoerbaar is.