ECLI:NL:RBDHA:2025:12016
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet tijdig beslissen op bezwaar tegen stopzetting onderdak in Landelijke Vreemdelingen Voorziening
Eisers hebben bezwaar gemaakt tegen het niet tijdig beslissen door de staatssecretaris op hun bezwaren tegen het stoppen van onderdak en begeleiding in de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV). De rechtbank behandelt de samenhangende beroepen gezamenlijk en stelt vast dat de ingebrekestellingen te laat zijn ingediend, maar dat de beroepen desondanks gegrond zijn vanwege het uitblijven van een besluit binnen de wettelijke termijn.
De rechtbank wijst erop dat de beslistermijn niet rechtsgeldig is verdaagd en dat verweerder binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog moet beslissen. Tevens wordt een bestuurlijke dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000,- opgelegd voor het overschrijden van deze termijn. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442,-.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eisers, vastgesteld op €680,25. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een zitting en wijst erop dat eisers zijn vrijgesteld van griffierecht vanwege betalingsonmacht. De uitspraak is gedaan door rechter J. de Gans en griffier A. Duijf op 20 juni 2025.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het niet tijdig beslissen en draagt verweerder op binnen twee weken alsnog te beslissen onder oplegging van een dwangsom.