ECLI:NL:RBDHA:2025:12400
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen geboekte vlucht voor gefaciliteerd vertrek naar Marokko
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd om een geboekte vlucht naar Marokko op 10 juli 2025 te annuleren en een verbod op het boeken van een vlucht voor het komende half jaar. De vlucht is geboekt door Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) als onderdeel van een gefaciliteerd vertrek, waarbij vertrek vrijwillig is en niet gedwongen.
De minister heeft betoogd dat er geen spoedeisend belang bestaat omdat verzoeker zelf kan bepalen of hij meewerkt aan het vertrek. De voorzieningenrechter bevestigt dit en stelt vast dat geen sprake is van een gedwongen uitzetting op de geplande datum. Ook is onduidelijk welk belang verzoeker heeft bij het bezwaar tegen de feitelijke handeling van het boeken van de vlucht, aangezien verzoeker al geruime tijd uitgeprocedeerd is en geen lopende verblijfsrechtelijke procedure heeft.
De voorzieningenrechter concludeert dat het verzoek niet aan de vereisten voldoet en wijst het af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting vanwege de spoedeisendheid en is in het openbaar bekendgemaakt.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het boeken van de vlucht naar Marokko wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.