ECLI:NL:RBDHA:2025:1248

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
3 februari 2025
Publicatiedatum
3 februari 2025
Zaaknummer
NL24.49011
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Dublin-verordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel wegens Dublin-verantwoordelijkheid Spanje

De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om de aanvraag van de verzoeker tot een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De minister baseerde dit besluit op de verantwoordelijkheid van Spanje voor de behandeling van de asielaanvraag, conform de Dublin-verordening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 30 januari 2025, samen met een vergelijkbare zaak (NL24.49010). In die zaak heeft de rechtbank het beroep van de verzoeker ongegrond verklaard, waarmee het bestreden besluit standhield. De voorzieningenrechter zag geen aanleiding om op basis van andere omstandigheden de voorlopige voorziening toe te wijzen.

Het verzoek om voorlopige voorziening is daarom afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.49011

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], V-nummer: [nummer], verzoeker

(gemachtigde: mr. M.H. van der Linden),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister

(gemachtigde: mr. J.H.A. van Eijck).

Procesverloop

Bij besluit van 9 december 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL24.49010, op 30 januari 2025 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de minister deelgenomen.

Overwegingen

Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.49010, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en dat beroep ongegrond verklaard. De rechter ziet ook geen andere omstandigheden om de voorlopige voorziening toe te wijzen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.A. Hessels, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.