Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoekster], verzoekster,
de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Verzoekster stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar tegen de afwijzing van een visumaanvraag voor kort verblijf. Tijdens de procedure besloot de minister alsnog een enkelvoudig visum af te geven, waarna verzoekster haar beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank overwoog dat de beslistermijn voor het bezwaar zes weken bedroeg, startend op 15 juni 2024. Verzoekster stelde de minister op 26 juli 2024 in gebreke, maar de wettelijke termijn liep pas af op 27 juli 2024. Hierdoor was de ingebrekestelling prematuur ingediend.
Op grond hiervan is geen grond voor proceskostenveroordeling van de minister. De rechtbank wijst het verzoek af. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier S. Mohandes op 11 juli 2025.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.