ECLI:NL:RBDHA:2025:12501

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
20 juni 2025
Publicatiedatum
11 juli 2025
Zaaknummer
NL25.23564 NL25.23566
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in Dublin-verzoeken verblijfsvergunning asiel

De Minister van Asiel en Migratie heeft op 23 mei 2025 besluiten genomen waarbij de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling zijn genomen. Dit omdat Slovenië verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van deze aanvragen op grond van de Dublin-verordening.

Verzoekers hebben tegen deze besluiten beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd bij de voorzieningenrechter. Tijdens de zitting, waarin ook een tolk aanwezig was, is overwogen dat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaken betreffende deze beroepen.

Gezien deze uitspraak acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer nodig en wijst de verzoeken af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A.A.M. Elzakkers en griffier K.F.K. Hoogbruin op 20 juni 2025, en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.

Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op de hoofdberoepen.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht
zaaknummers: NL25.23564 en NL25.23566

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[verzoekers], V-nummers: [V-nummer] en [V-nummer] , verzoekers, (gemachtigde: mr. W.N. van der Voet),
en

de Minister van Asiel en Migratie, de minister, (gemachtigde: mr. A. Dijcks).

Procesverloop

Bij besluiten van 23 mei 2025 heeft de minister de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Slovenië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken, samen met de zaken NL25.23563 en NL25.23565. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekers, de gemachtigde van verzoekers,
L. Su als tolk en de gemachtigde van de minister.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL25.23563 en NL25.23565, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.A.M. Elzakkers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van K.F.K. Hoogbruin, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
20 juni 2025

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.