ECLI:NL:RBDHA:2025:12828
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansluitende machtiging tot het verlenen van verplichte zorg wegens ondeugdelijke medische verklaring
De officier van justitie verzocht op 13 mei 2025 om een aansluitende zorgmachtiging voor betrokkene op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro. De medische verklaring, opgesteld door psychiater R.C. Aalbers op 30 april 2025, was gebaseerd op een telefonisch onderzoek zonder persoonlijk contact. Betrokkene en haar advocaat betwistten de diagnose en stelden dat de verklaring ondeugdelijk was.
Tijdens de mondelinge behandeling op 3 juni 2025 bevestigde de psychiater dat het onderzoek telefonisch had plaatsgevonden. De behandelaar benadrukte de noodzaak van de zorgmachtiging vanwege het risico op terugval zonder toezicht op medicatiegebruik. De rechtbank oordeelde dat de psychiater onvoldoende inspanning had verricht om betrokkene persoonlijk te onderzoeken, wat vereist is volgens het arrest van de Hoge Raad van 21 april 2023.
De rechtbank concludeerde dat de medische verklaring niet voldeed aan de wettelijke vereisten en wees het verzoek tot het verlenen van een aansluitende zorgmachtiging af. De officier van justitie werd niet gehoord omdat zijn aanwezigheid niet noodzakelijk werd geacht.
Uitkomst: Het verzoek tot het verlenen van een aansluitende zorgmachtiging wordt afgewezen wegens het ontbreken van een deugdelijke medische verklaring.