De heer verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De rechtbank heeft dit verzoek behandeld tijdens een zitting op 19 juni 2025, waarbij ook een vertegenwoordiger van de Kredietbank Nederland aanwezig was.
De rechtbank beoordeelde of verzoeker aan de voorwaarden voldoet, waaronder het zich in een problematische schuldensituatie bevinden, te goeder trouw zijn bij het ontstaan en onbetaald laten van schulden, en de verwachting dat hij aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen. Verzoeker voldeed aan deze eisen en werd toegelaten tot de WSNP.
De rechtbank legde uit dat de WSNP een traject van achttien maanden betreft met een postblokkade gedurende de eerste dertien maanden. Indien verzoeker zich aan alle verplichtingen houdt, eindigt het traject met een schone lei, waardoor schuldeisers niet langer hun vorderingen kunnen verhalen.
Verzoeker had tevens verzocht om een eerdere ingangsdatum van de WSNP te bepalen, gebaseerd op het minnelijk traject. De rechtbank oordeelde echter dat verzoeker zich tijdens het minnelijk traject niet voldoende had ingespannen om baten te verwerven, onder meer door niet voldoende te zoeken naar betaald werk. Daarom werd het verzoek tot vervroeging van de ingangsdatum afgewezen.
De rechtbank stelde de termijn van de WSNP vast op achttien maanden vanaf 17 juli 2025, sprak de toepassing van de WSNP uit, stelde vast dat alle gelegde beslagen vervallen en benoemde een rechter-commissaris en bewindvoerder. De bewindvoerder krijgt de opdracht de post te controleren en mag een voorschot op zijn vergoeding nemen zolang de regeling loopt en de boedel toereikend is.