Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. K. Bruin).
Procesverloop
Overwegingen
Belangenafweging
Ambtshalve toets
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De minister van Asiel en Migratie legde op 7 maart 2025 een maatregel van bewaring op aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank had eerder de rechtmatigheid van deze maatregel bevestigd tot 17 maart 2025. De minister stelde de rechtbank opnieuw in kennis van de voortzetting van de bewaring, wat gelijkgesteld werd met een beroep van eiser.
Eiser voerde aan dat de bewaring onrechtmatig was vanwege onduidelijkheid over de presentatie bij de Algerijnse autoriteiten, detentieongeschiktheid en belangenafweging. De rechtbank oordeelde dat er wel degelijk zicht is op uitzetting naar Algerije, ondanks dat geplande presentaties op 8 en 23 april 2025 waren geannuleerd door de Algerijnse autoriteiten. Het onderzoek bij deze autoriteiten loopt nog en er is geen aanwijzing dat binnen redelijke termijn geen presentatie zal plaatsvinden.
De rechtbank stelde vast dat eiser onvoldoende medewerking verleent aan zijn uitzetting en dat zijn gezondheidsklachten niet onderbouwd zijn. Ook is de noodzakelijke medische zorg in het detentiecentrum aanwezig. De belangenafweging van de minister om de bewaring voort te zetten werd als zorgvuldig beoordeeld. De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig is en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.