ECLI:NL:RBDHA:2025:13164
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken beroepsgronden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld op grond van artikel 8:54 van Pro de Awb.
De rechtbank stelde vast dat het beroepschrift geen gronden bevatte, hetgeen vereist is op grond van artikel 6:5 Awb Pro. Eiser werd in de gelegenheid gesteld om binnen vijf werkdagen alsnog gronden in te dienen, maar heeft hieraan niet voldaan. Vervolgens is eiser nogmaals gevraagd om binnen drie werkdagen te reageren op het ontbreken van gronden en te melden of er een verschoonbare reden voor het verzuim was, maar ook hierop bleef uit.
De rechtbank concludeerde dat het verzuim niet verschoonbaar was en verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk. Tevens werd beslist dat eiser geen proceskostenvergoeding krijgt. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier R. de Mul en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en het niet verschoonbaar zijn van het verzuim.