ECLI:NL:RBDHA:2025:13201
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het vermeende niet tijdig beslissen door de minister op hun aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf van 13 maart 2023. De rechtbank heeft vastgesteld dat de minister op 6 februari 2025 een besluit heeft genomen op deze aanvraag. Eisers hebben op 5 maart 2025 bezwaar gemaakt tegen dit besluit en vervolgens op 23 april 2025 het beroep ingediend.
Omdat het beroep is ingediend nadat de minister al een besluit heeft genomen, voldoet het niet aan de vereisten voor een beroep tegen het niet tijdig beslissen. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank heeft tevens het verzoek om vrijstelling van griffierecht toegewezen, waardoor eisers geen griffierecht hoeven te betalen.
De rechtbank heeft besloten dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden aan eisers. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Eisers wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat de minister inmiddels op de aanvraag heeft beslist.