ECLI:NL:RBDHA:2025:13384

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
22 juli 2025
Publicatiedatum
22 juli 2025
Zaaknummer
09/842416-18
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging van de terbeschikkingstelling met twee jaar in een strafzaak met psychische problematiek

Op 22 juli 2025 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in de zaak van de terbeschikkinggestelde, geboren in 1991, die in een Forensisch Psychiatrisch Centrum verblijft. De rechtbank heeft de vordering van de officier van justitie om de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen, toegewezen. De terbeschikkinggestelde is eerder ter beschikking gesteld door het gerechtshof Den Haag op 19 maart 2021 en de maatregel is voor het laatst verlengd op 29 augustus 2023. Tijdens de zitting op 8 juli 2025 zijn de terbeschikkinggestelde, zijn raadsvrouw mr. M.W. Bouwman, de officier van justitie mr. S. van Dongen en deskundigen gehoord. De kliniek adviseerde tot verlenging van de terbeschikkingstelling, gezien de diagnose van borderline en antisociale persoonlijkheidsstoornissen, en de positieve behandelontwikkeling van de terbeschikkinggestelde. De rechtbank concludeert dat de kans op herhaling van delictgedrag groot is bij beëindiging van de maatregel en dat de veiligheid van anderen in het geding is. De rechtbank oordeelt dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die een kortere verlenging rechtvaardigen, en dat de terbeschikkingstelling met twee jaar moet worden verlengd.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Strafrecht
Parketnummer: 09/842416-18

Beslissing van 22 juli 2025

Beslissing van de rechtbank Den Haag, rechtdoende in strafzaken, op de vordering van de officier van justitie van 10 juni 2025 om de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen, in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde] , (hierna: de terbeschikkinggestelde),

geboren op [geboortedag] 1991 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),
verblijvende in het Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) [kliniek 1] te [plaats]
(hierna: de kliniek),
die bij arrest van het gerechtshof Den Haag van 19 maart 2021 ter beschikking is gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege. Deze maatregel is voor het laatst bij beslissing van deze rechtbank van 29 augustus 2023 met twee jaar verlengd.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken die zijn vermeld in de
bijlage.

De procedure

De rechtbank heeft de vordering op 8 juli 2025 ter terechtzitting behandeld.
De terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. M.W. Bouwman, is gehoord. Tevens is de officier van justitie, mr. S. van Dongen, gehoord.
Daarnaast is R. van Beusekom, GZ-psycholoog bij de kliniek, als deskundige gehoord.

Het advies van de kliniek

De kliniek adviseert tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar.
De terbeschikkinggestelde is gediagnosticeerd met een borderline persoonlijkheidsstoornis en een antisociale persoonlijkheidsstoornis, met narcistische trekken, een licht verstandelijke beperking en stoornissen in het gebruik van cannabis en alcohol (in remissie in een gereguleerde omgeving).
De terbeschikkinggestelde heeft over het algemeen een positieve behandelontwikkeling doorgemaakt. Hij zette zich in voor de aangeboden behandelingen en hij gaf openheid.
Wanneer hij irritaties of spanningen ervaart, lukt het hem nog niet altijd om deze snel bespreekbaar te maken. Hij gebruikt medicatie tegen spanning en zucht en gaat hier verstandig mee om.
Vanwege de behandelvoortgang die de terbeschikkinggestelde doormaakt, de afwezigheid van seksueel grensoverschrijdend gedrag en de openheid die hij geeft over zijn seksualiteitsbeleving, is het verlofplan sinds eind april 2025 uitgebreid, in die zin dat de terbeschikkinggestelde ook met één vrouwelijke verlofbegeleider op verlof kan.
Na het aantreffen van pornografisch materiaal op de Playstation van de terbeschikkinggestelde en na positieve urinedrugsscreeningen op THC in januari 2025 werd het verlof aangehouden.
De kernproblematiek die ten grondslag ligt aan het indexdelicten is nog actueel.
Met het huidige niveau van zorg en toezicht (intramuraal verblijf met een begeleid verlofkader) wordt het risico op gewelddadige recidive als laag tot matig ingeschat. Er is sprake van een hoog recidiverisico bij verval van de huidige maatregel/zorg en toezicht.
De uitstroomkoers is nog niet definitief vastgesteld, maar zal vermoedelijk een begeleid wonen instelling zijn. Het traject richt zich nu op uitstroom via een FPA of via resocialisatiecentrum [kliniek 2] . Er heeft inmiddels een eerste gesprek plaatsgevonden met de coördinerend regiebehandelaar van [kliniek 2] . De komende periode wordt verder onderzocht wat nodig is voor uitstroom.
Het is van belang dat de terbeschikkinggestelde in kleine, gestructureerde stappen toewerkt naar meer vrijheid, zodat de kans op overvraging en het risico op herhaling van een delict beperkt is. Omdat het risicomanagement gedeeltelijk extern van aard is, is het noodzakelijk dat een vervolginstelling gespecialiseerd is in LVB en (antisociale) persoonlijkheidsproblematiek en forensische scherpte heeft. Het verder behandelen van de psychopathologie en het vaststellen en concretiseren van het resocialisatietraject zal nog zeker twee jaar in beslag nemen.
De deskundige heeft in aanvulling op het advies ter terechtzitting naar voren gebracht dat het begeleid verlof na de onderhavige zitting weer wordt opgestart. De reclassering is op dit moment nog niet in beeld, omdat er nog veel stappen zijn die de terbeschikkinggestelde moet zetten.

Het advies van de psychiater en de psycholoog

De conclusies van de psychiater en de psycholoog komen overeen met die van de kliniek.
De psychiater kan zich op hoofdlijnen vinden in de diagnostische conclusies van de kliniek, behoudens de classificatie borderline persoonlijkheidsstoornis.
De psychiater verwacht dat de terbeschikkinggestelde zonder externe steun, structuur, controle en toezicht opnieuw terugvalt in het overmatig gebruik van alcohol en juist onder invloed van alcohol zijn overmatige seksuele behoeften onvoldoende kan reguleren en zich wederom grensoverschrijdend naar een vrouw zal opstellen in de zin van het bevredigen van zijn seksuele behoeften zonder rekening te houden met de ander.
Naar het oordeel van psychiater is er nog wel een aantal jaren klinische behandeling noodzakelijk voordat de terbeschikkinggestelde voor een resocialisatietraject in het kader van transmuraal verlof kan worden overgeplaatst, naar bijvoorbeeld [kliniek 2] .
De psychiater adviseert om de komende twee jaar het therapiepakket voor de terbeschikkinggestelde intensief vol te houden in de zin van zowel verbale (Mentalization-Based Therapy) als non-verbale therapieën (zoals psychomotore therapie) en vaardigheidstrainingen (agressieregulatie en vaardigheidstraining) voort te zetten.
Wat betreft het risicomanagement acht de psychiater het van belang dat de terbeschikkinggestelde voorlopig verblijft in een gesloten forensisch psychiatrisch centrum met op hem toegesneden steun, structuur, controle en toezicht.
Er zal nog jarenlang een tbs-maatregel noodzakelijk zijn om een stapsgewijs resocialisatietraject in de toekomst op een verantwoorde wijze vorm te geven. De psychiater acht het ondenkbaar dat over een jaar voorwaardelijke beëindiging van het bevel tot verpleging van overheidswege op een verantwoorde manier vormgegeven kan worden en adviseert om de terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege met twee jaar te verlengen.
Ook de psycholoog adviseert de maatregel met twee jaar te verlengen.
De terbeschikkinggestelde werkt mee aan de behandeling in de kliniek en profiteert hier ook van, maar er is volgens de psycholoog nog weinig inzicht in de situatie van de terbeschikkinggestelde, wat ook past bij de aard van zijn psychopathologie. De terbeschikkinggestelde heeft de neiging zichzelf te overschatten.
Het voorzichtig maken van stappen in de resocialisatie is verantwoord. Om de terbeschikkinggestelde veilig via onbegeleid en transmuraal verlof naar [kliniek 2] te kunnen brengen is volgens de psycholoog zeker nog meer dan een jaar nodig.

Het standpunt van de terbeschikkinggestelde

De terbeschikkinggestelde en zijn raadsvrouw hebben ter terechtzitting de wens naar voren gebracht dat de termijn van de terbeschikkingstelling wordt verlengd met één jaar, in plaats van twee jaar. Verlenging met twee jaar zal leiden tot een impasse in de behandeling, terwijl verlenging met één jaar de terbeschikkinggestelde zal motiveren om zich in te blijven zetten.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gepersisteerd bij de schriftelijke vordering tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling met twee jaar.

Het oordeel van de rechtbank

Indexdelict
De maatregel van terbeschikkingstelling is aan de terbeschikkinggestelde opgelegd vanwege
misdrijven die waren gericht tegen en gevaar hebben veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.
Stoornis, herhalingsgevaar en verlenging
Op grond van de adviezen van de kliniek, de psychiater en de psycholoog stelt de rechtbank vast dat de stoornissen van de terbeschikkinggestelde nog steeds aanwezig zijn. Daarnaast volgt uit de adviezen dat de kans op herhaling bij de onmiddellijke beëindiging van de maatregel groot is. Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel eist.
Duur verlenging
Over de duur van de verlenging overweegt de rechtbank als volgt. Volgens vaste jurisprudentie wordt bij verlenging van de maatregel van terbeschikkingstelling in beginsel een termijn van twee jaar gehanteerd. Alleen als te verwachten valt dat binnen een jaar de situatie zodanig is gewijzigd dat een andersoortige beslissing van de rechtbank aan de orde is of sprake is van bijzondere omstandigheden, is verlenging met één jaar aangewezen.
In de afgelopen periode is er sprake geweest van een positieve ontwikkeling van de terbeschikkinggestelde, maar tevens is duidelijk dat het verder behandelen van de psychopathologie en het vaststellen en concretiseren van het resocialisatietraject van de terbeschikkinggestelde nog zeker twee jaar in beslag zullen nemen.
Het is daarom niet te verwachten dat over een jaar een andersoortige beslissing van de rechtbank aan de orde is.
Ook is geen sprake van bijzondere omstandigheden die maken dat zou moeten worden afgeweken van het uitgangspunt om de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen. Het behouden van de motivatie van de terbeschikkinggestelde vormt daarvoor onvoldoende grond.
De rechtbank is dan ook van oordeel dat de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar moet worden verlengd.

Beslissing

De rechtbank:
wijst de vordering van de officier van justitie toe en verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met
twee jaar.
Aldus beslist te Den Haag door:
mr. H.P.M. Meskers, voorzitter,
mr. F.M. Guljé, rechter,
mr. S.M. van der Schenk, rechter,
in tegenwoordigheid van mr. N. de Jong, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2025.
Mr. S.M. van der Schenk is buiten staat deze beslissing te ondertekenen.

Bijlage

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
- het arrest van het gerechtshof Den Haag van 19 maart 2021, waarbij de
terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege werd gelast;
  • de beslissing van de rechtbank Den Haag van 29 augustus 2023, waarbij de terbeschikkingstelling laatstelijk met twee jaar is verlengd;
  • het verlengingsadvies van de kliniek van 20 mei 2025;
  • de wettelijke aantekeningen tot en met het eerste kwartaal van 2025;
  • de adviezen op grond van artikel 6:6:12 van het Wetboek van Strafvordering van P.E. Geurkink, psycholoog, van 5 mei 2025 en drs. H.A. Gerritsen, psychiater, van 30 april 2025;
  • de vordering van de officier van justitie, ingekomen op 10 juni 2025.