AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Afwijzing asielaanvraag Koerdische Turkse nationaliteit wegens ongeloofwaardige HDP-lidmaatschap
Eiser, een Turkse staatsburger van Koerdische afkomst, diende op 24 februari 2023 een asielaanvraag in. De minister wees deze aanvraag op 18 maart 2025 af als kennelijk ongegrond, waarna eiser beroep instelde. Een gewijzigd besluit van 28 mei 2025 verving het eerdere besluit, waarop eveneens beroep werd ingesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang en beoordeelde het beroep tegen het gewijzigde besluit inhoudelijk. De minister hechtte geloof aan eisers identiteit en aan discriminatie wegens Koerdische afkomst, maar verwierp de verklaringen over lidmaatschap van de HDP en de daaruit voortvloeiende problemen als ongeloofwaardig vanwege onvoldoende onderbouwing met objectieve stukken.
De rechtbank volgde de minister in zijn oordeel dat de verklaringen over het HDP-lidmaatschap oppervlakkig, summier en niet samenhangend waren. Ook achtte de rechtbank de ervaren discriminatie niet ernstig genoeg om als vervolging te gelden. Het beroep werd ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de afwijzing blijft in stand.
Voetnoten
1.Dit beroep is geregistreerd onder NL25.25016.
2.De HDP en Yeşiller ve Sol Gelecek Partisi (YSP) zijn in 2023 verdergegaan onder de nieuwe partijnaam Halkların Eşitlik ve Demokrasi Partisi (DEM Parti).
3.Onder verwijzing naar artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder h, van de Vw 2000 omdat eiser geen verschoonbare reden heeft gegeven voor het zich niet tijdig melden bij de autoriteiten.
4.De minister verwijst naar artikel 31, zesde lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000.
5.De minister verwijst naar artikel 31, zesde lid, aanhef en onder c, van de Vw 2000.
6.De minister verwijst naar artikel 31, zesde lid, aanhef en onder d, van de Vw 2000.
7.De tegenwerping als bedoeld in artikel 31, zesde lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000.
8.De tegenwerping als bedoeld in artikel 31, zesde lid, aanhef en onder c, van de Vw 2000.
9.De tegenwerping als bedoeld in artikel 31, zesde lid, aanhef en onder d, van de Vw 2000.