ECLI:NL:RBDHA:2025:13884
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet betalen griffierecht bij aanvraag machtiging voorlopig verblijf
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Minister op een aanvraag machtiging voorlopig verblijf (mvv) voor zijn echtgenote en twee zoons. De rechtbank beoordeelt dit beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is wegens het niet betalen van het griffierecht.
Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet bij het instellen van beroep griffierecht worden betaald. Eiser gaf aan dit niet te kunnen betalen vanwege betalingsonmacht, maar heeft geen gevraagde gegevens voor vrijstelling verstrekt. De griffier wees dit verzoek af en herinnerde eiser aan de betalingsverplichting.
De rechtbank constateert dat eiser het griffierecht niet heeft voldaan en geen verontschuldiging heeft gegeven voor dit verzuim. De aangetekende brief hierover is niet afgehaald, maar wel retour ontvangen door de rechtbank. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard, wat betekent dat het beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en het bestreden besluit blijft staan.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht, waardoor het bestreden besluit in stand blijft.